logo Gemeente Tilburg Gemeente Tilburg

Acht genomineerden geselecteerd voor architectuurprijs: interview met voorzitter

10 juni 2026

Tilburg heeft sinds 2024 een architectuurprijs. Die wordt dit jaar op 18 juni uitgereikt in de LocHal. Deze uitreiking is georganiseerd door CAST (Centrum voor Architectuur en Stedebouw Tilburg). Er waren dit keer 30 inzendingen, waaruit de jury 8 genomineerden heeft geselecteerd die kans maken op de vakjuryprijs.

Alle inzendingen maken kans op de publieksprijs. We interviewden juryvoorzitter Jessica Hammarlund Bergmann. Zij is o.a. stadsbouwmeester van Enschede.  

  

Hoe was het om deze projecten te beoordelen? 

“Het grappige aan de Tilburgse Architectuurprijs is dat dit heel uiteenlopende projecten zijn. Tilburg werkt niet met een thema, zoals bij sommige architectuurprijzen het geval is. Dus de projecten die wij beoordelen lopen uiteen van groot naar klein, van speeltuinen tot kerktorens.” 

Hoe beoordeel je deze dan? 

“Je bepaalt vooraf criteria met de overige juryleden. Zo keken wij bijvoorbeeld naar de Tilburgse context. Hoe past dit in deze stad en op deze plek? Maar ook: hoe innovatief is het project en wat is het culturele hart? Dus wat voegt het toe? En uiteraard letten we ook op de architectonische kwaliteit. De jury bestond uit personen van verschillende disciplines. En we kijken toch vanuit onze eigen achtergrond naar de inzendingen. Maar ondanks dat waren we behoorlijk eensgezind over welke projecten wij wilden nomineren.” 

Je noemde net al de speeltuin. Dat is een landschapsontwikkeling en geen gebouw. Hoort dat wel bij een architectuurprijs? 

“Ik denk wel dat het in zo'n prijsvraag hoort. We moeten de openbare ruimte meer integraal benaderen. Wat is het effect van deze groene ruimtes in de stad? Dat is net zo belangrijk voor stedelijke ontwikkeling als stenen op elkaar stapelen.”  

Hoe benader je dit integraal? 

“Mensen vragen mij vaak: gaat het nu om de gebouwen of om de openbare ruimte? Maar het gaat over de mens en hoe die de gebouwen en de ruimte daartussen gebruikt. Die gebouwen hebben effect op de ruimte. Voor mij is het altijd twee kanten van hetzelfde. Projecten, gebouwen of landschapsontwikkelingen, moeten ‘het gesprek’ aangaan met de omgeving. Als dat niet gebeurt heeft de ontwikkeling minder kwaliteit. Er moet altijd een dialoog bestaan tussen de ontwikkeling en de bestaande ruimte.” 

Zijn er ook trends in de inzendingen voor de architectuurprijs? 

“Een trend die je duidelijk ziet is dat er relatief veel projecten zijn met bestaande bouw. Er wordt nagedacht over hoe we dingen kunnen behouden en een nieuwe tijdslaag kunnen toevoegen. Bijvoorbeeld bij het station, waar het dak wel behouden is gebleven, of het Ketelhuis: daar is iets nieuws gebouwd op het bestaande gebouw. Dat vind ik een interessante ontwikkeling. Niet alleen omdat het duurzaam is, maar ook omdat het helpt met de identiteit van de stad. Het maakt zichtbaar waar we vandaan komen. Ook voor ontwerpers is dit goed en inspirerend, om vanuit iets bestaands iets nieuws te kunnen maken.”  

Tilburg kreeg onlangs de BNG Erfgoedprijs voor hoe we omgaan met industrieel erfgoed én de BNSP-prijs.  

“Dat is heel fijn voor Tilburg en terecht. Je plukt de vruchten van durf, je hebt een kwaliteitsslag aangebracht in je binnenstad. En ik hoop dat het ook een steun in de rug is voor iedereen die aan Tilburg werkt, want dit wordt echt gezien in de rest van het land.”  

Hoe verhoudt Tilburg zich tot andere steden? Als je kijkt naar bouw- en ontwerpcultuur?  

"Ik denk dat Tilburg van ver komt. Toen ik 20 jaar geleden in Tilburg kwam om bijvoorbeeld het De Pont museum te bezoeken, dacht ik: is het echt hier? Dat is nu zo anders. De ontwikkeling van de Spoorzone, het Spoorpark en de Piushaven hebben de stad echt een ander gezicht gegeven. Ook zeker de LocHal. Een groot, industrieel gebouw dat publiek werd gemaakt. Je kan daar gewoon zijn, zonder te betalen of iets te moeten huren. Dat is zo'n toevoeging voor de stad.   

En wat Tilburg ook apart maakt is dat jullie natuurlijk een wethouder hebben die omgevingskwaliteit heel belangrijk vindt. De stad en dorpen krijgen daarom veel steun op dit gebied van de gemeente. Deze architectuurprijs en het feit dat jullie als gemeente CAST ondersteunen is een belangrijk signaal en stimulering van kwaliteit in de stad." 

Tilburg moet 35.000 woningen bijbouwen, vooral aan de stadsranden. Daar is geen erfgoed of een hele duidelijke identiteit. Hoe doe je dat dan op een manier die bij Tilburg past?  

“Dat is een vraag is die jullie moeten beantwoorden de komende jaren. Er moet worden gedefinieerd op welke Tilburgse criteria, kwaliteiten en identiteiten je wilt voortbouwen. Uitgangspunt moet altijd zijn, dat wat je toevoegt de bestaande stad versterkt. En dat kan heel goed, aan de rand van de stad is meer ruimte, maar er zijn minder voorzieningen en andere stedelijke functies. En een goede verbinding met het hart van de stad is belangrijk.”  

Die Tilburgse identiteit is niet even herkenbaar in alle buurten  

"Maar misschien ligt het Tilburgse ook meer in hoe je dingen gaat ontwikkelen. Wat ik heel Tilburgs vind is het experimentele. Bijvoorbeeld bij het Spoorpark, een burgerinitiatief dat de gemeente heeft omarmd. Gewoon het feit dat je dat gaat doen. En dat je dan wel ziet hoe je dat met elkaar gaat klaarspelen. Bij andere steden is men meer voorzichtig, behoudend of ze willen alles van tevoren kaderen of definiëren.   

Het resultaat is belangrijk, maar ook de manier waarop je dingen tot stand brengt. Die contrasten in de stad, maakt ook een identiteit. Dat er af en toe wat gekke dingen tussendoor zitten, die niet lijken te passen."  

Heb jij een advies aan onze stad?  

“Het is belangrijk dat Tilburg dat experimentele, en het samen willen doen met de stad, niet verliest. Dat geeft mensen een gevoel van mede- eigenaarschap.”